Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen

BRUCKNER Symphony no. 8

Sunday, October 14th, 2012

BRUCKNER
Symphony no. 8
Netherlands Radio Philharmonic Orchestra Jaap van Zweden
Challenge Classics CC 72549 SACD DDD 30:40/48:48

Uitvoering/opname *****/*****

Over de status van deze symfonie is waarschijnlijk genoeg gezegd en geschreven. Er zijn er onder ons die vinden dat in Bruckners kunst het fenomeen symfonie, de absolute bekroning vindt. En dan met name in de achtste. De volledige concentratie op de symfonie als vorm en kunstwerk kon Bruckner alleen volhouden, door zich vrijwel geheel afzijdig te houden van de literaire en filosofische stromingen van zijn tijd. Daarmee is overigens allerminst gezegd dat een symfonie van Beethoven, Schubert of Mozart minder gaaf en bevredigend zou zijn. Hoe dan ook, het is een kolosaal werk. Iedere keer opnieuw bij het ondergaan van dit werk, vallen ons de onbeschrijfelijke muzikale invallen, stemmenweefsels, klankcombinaties en vlechtwerken van melodieën op. Voortdurend horen wij hoe zijn muziek spant en ontspant. Ik was niet onverdeeld enthousiast over van Zwedens aanpak van de 9de, maar hier trekt hij me helemaal over de streep. In het eerste deel zijn de climaxen wellicht wat aan de ingetogen kant, maar daar staan andere zaken tegenover: buitengewoon veel aandacht heeft hij voor de harmonische kleuren en werkt hij de melodielijnen doordacht uit. Zelden heb ik het Scherzo zo gehoord. Het is een ware demonendans geworden. Ik vermoed dat van Zweden zich hier enige vrijheden heeft veroorlooft, maar het werkt wel. Het adagio is evenzo met veel liefde en toewijding gedaan en ook hier legt van Zweden op bewonderenswaardige wijze de vele stemmenweefsels en vlechtwerken van melodieën in des meesters partituur bloot; net als Giulini met de Weners. In de finale neemt hij de fugato aan het eind wel wat snel, maar de hemelse koraal zelf neemt hij wel ruim. Ik kan dan ook niet anders dan het hoogste lof toe kennen aan deze meesterlijke uitvoering die van grote visie getuigt. Dit is met afstand de beste Bruckner 8 van de laatste tijd. Grote complimenten ook voor het orkest en het technische team. De opname is werkelijk fenomenaal, vooral als de SACD laag wordt afgespeeld.

Emile Stoffels
Luister 685

BRUCKNER Symphony No. 7 Staatskapelle Berlin Daniel Barenboim

Saturday, July 14th, 2012

BRUCKNER
Symphony No. 7
Staatskapelle Berlin Daniel Barenboim
DG 00289 479 0320 DDD 67’15

Uitvoering/opname *****/*****

Met deze meest stralende symfonie, oogstte Bruckner veel lof. Voor het eerst is er voor de meester uit Opper Oostenrijk een duurzaam succes en gaat ook over hem de zon der roem schijnen. Nergens is de polarisatie tussen de Goddelijke natuur en de weerbarstige materiële wereld, zo klein als in deze symfonie. De verkleinde afstand tussen die tegenpolen maakt dat dit werk daardoor dan ook niet die wrijvingen en contrasten heeft, als in zijn andere symfonieën. Het is ook de laatste symfonie waar het Adagio nog voor het Scherzo komt. Sommige auteurs menen onder andere hierdoor, dat met de zevende een cyclus werd afgesloten en met de achtste een nieuwe reeks begon. Twee keer eerder nam Daniel Barenboim Bruckners zevende op: met het Chicago Symphony Orchestra op hetzelfde label (1979) en met de Berliner Philharmoniker op Teldec (1992). Nu dus met de Staatskapelle Berlin. Over deze uitvoering en opname ben ik laaiend enthousiast net als Der Tagesspiegel, die Bruckners symfonie onder Barenboims handen als een opera zonder woorden noemt. Barenboim bouwt alles uitermate zorgvuldig en precies op, waardoor het hymnische eerste deel zo vanzelfsprekend en elastisch klinkt. Het ernstige Adagio ontstond in Bruckners gedachte, dat Richard Wagner niet meer zo lang te leven had. Tijdens de schepping van dit stuk, zou de meester uit Leipzig ook overlijden. Dit deel, waarin voor het eerst de Wagner tuba’s worden toegepast, krijgt hier iets bovennatuurlijks. Het Scherzo heeft weliswaar niet die overrompelende kracht en scherpte van von Karajan met de Weners uit dezelfde stal, maar ook hier valt de precisie en soepelheid op. Het laatste deel heeft een vergelijkbare vanzelfsprekendheid en vloeiendheid als het eerste deel. Dit is een live registratie uit 2010 en zelden heb ik zo een spanning en concentratie gevoeld, als in deze opname. Hoogste lof!

Emile Stoffels
Luister 683

Thursday, March 29th, 2012

STRAVINSKY
Rite of Spring Firebird Suite Scherzo Tango
Budapest Festival Orchestra Ivan Fischer

Channel Classics CCS SA 32112 DDD 63’10

Uitvoering/Registratie *****/*****

Ofschoon sommige auteurs Le Sacre weleens betitelen als een laatste uitloper der Romantiek, maakt het nog steeds een hyper moderne indruk. Dit werk steunt grotendeels op de ritmiek en is blijkbaar voor veel orkesten nog steeds een uitdaging. Ivan Fischer is inmiddels wel uitgegroeid tot een maestro, door keihard te studeren en zich alleen bezig te houden met de noten. Dat blijkt wel uit deze Sacre die in meerdere opzichten indrukwekkend is. Enigszins getemperd weliswaar – ik zou bijna willen zeggen in cultuur gebracht – maar daardoor wel een enorme controle. Vanaf het eerste moment is daar die spanning en genoot ik van de basklarinetloopjes. In de Augures printanières — Danses des adolescents zijn er veel details te bewonderen. Veelal is dit deel ritmisch lastig vooral verderop, maar Fischer doet dit vlekkeloos. Bij Rondes printanières zucht en kreunt het, zonder dat het te veel gaat slepen. Wel hadden de hoorns in de climax wel wat luider gemogen. Bij de Cortège du Sage heb ik zelden zulke knorrende fagotten gehoord. Ook was er geen hysterie in de Adoration de la terre, waardoor de aard van de rite wordt onderbelicht. De verleiding is ook wel volkomen begrijpelijk om juist daar vol gas te geven, maar Fischer doet dat dus niet. Ook verstaat hij de kunst van het kruit niet te snel te verschieten, zoals blijkt uit Le Sacrifice. Hij werkt duidelijk toe naar het slot, waar het helemaal los gaat zonder dat het een kermis wordt. Alles overziend een meer dan uitstekende Sacre dus. Complimenten evenzo aan de opname technici: Een mooie uitgebalanceerde en homogene opname die nergens hinderlijke nadrukjes vertoont. De registratie heeft een rood-bruine gloed, met toch overvloedige details. Wel lijkt het of de opname een voorkeur voor het hout heeft, maar ach… had Stravinsky dat zelf ook niet?

Emile Stoffels
Luister 681