Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen

HORIZON LIVE 4

Saturday, March 3rd, 2012

HORIZON LIVE 4
Royal Concertgebouw Orchestra
Ed Spanjaard
RCO 11001 DDD 60:50/67:50

Uitvoering/Registratie *****/*****

Dit is een ongemeen spannende cd! Live stukken door het Concertgebouworkest onder diverse dirigenten – waaronder Ed Spanjaard – uit 2009 en 2010, van Gustav Mahler, Geert van Keulen, Detlev Glanert, Willem Jets, Joey Roukens, Rodion Shchedrin, Luciano Berio en Matthew Hindson. De dubbel cd opent met een in opdracht van het Koninklijk Concertgebouworkest, door Matthews voor orkest bewerkte uitvoering van Mahlers onvoltooide pianokwartet, ‘Nicht zu Schnell’. Musicoloog Colin Matthews – die ook samen met Deryck Cooke werkte aan de uitvoeringsversie van Mahlers tiende – heeft nogal wat aanpassingen verricht: “In mijn bewerking heb ik de overladen textuur moeten verhelderen.” Interessant voor de Mahler liefhebbers om het origineel met deze versie te vergelijken. Echt spannend wordt het met Glanerts Fluss ohne Ufer. “Ik zie mijn partituren graag als een spierbundel […]. De grillige menselijke natuur van muziek valt niet uit te vlakken.” Het huiveringwekkende stuk is vernoemd naar de gelijknamige roman van Jahnn (1894 – 1959), waarin een muiterij wordt beschreven op een mysterieus schip met onbekende bestemming. Glanert wilde naar eigen zeggen het stuk in één grote spanningsboog schrijven. Nu, dat is hem wel gelukt. De muziek boeit van het begin tot eind. Dat is ook waar voor Jeths’ Scale ‘Le tombeau de Mahler’, dat in het programma is opgenomen. Een opdrachtwerk met veel verwijzingen naar Gustav Mahler. Evenzeer heb ik genoten van de aparte, bonte atmosfeer van Roukens’ Out of control. We zouden het bijna filmisch ondergaan. Een absolute aanrader deze cd. De opname is van een verbluffende kwaliteit: doorzichtig en massief tegelijk.

Emile Stoffels
Luister 680

Diskotabel – de vergelijking

Saturday, March 12th, 2011

Op 27 februari werd in de vergelijking van Diskotabel op Radio 4, Le Sacre du Printemps van Igor Stravinsky besproken. Liefst negen uitvoeringen werden met elkaar vergeleken naar aanleiding van een nieuwe opname onder Andrew Litton op Bis. Ofschoon de commentaren een vertekend beeld geven, was het wel weer nuttig dit o zo belangrijke werk te bespreken.

Uit de eerste ronde bleek dat opname A een toporkest is met de nodige articulatie en balans. Opname B was wat langzamer, maar ook meeslepender en grillig. Opname C kwam er wat minder positief vanaf. Hier vond men het toch wat vlakker en minder pakkend. Ook de openingssolo van de fagottist was minder aansprekend en speelde meer op safe.

A. Bergen Philharmonic Orchestra, Litton BIS
B. Bamberger Symphoniker Nott, Jonathan Tudor
C. Cleveland Orchestra, Chailly Decca

Bij de tweede ronde was een panellid erg te spreken over D aangezien deze opname het meest authentiek overkwam. E bleek weer wat vlakker te zijn en te voorzichtig. Dit zou door de opname kunnen komen. Opname F werd weliswaar als eigenzinnig ervaren, maar was erg opwindend. Er was veel drive te bespeuren.

D. Koninklijk Concertgebouw Orkest Jansons, RCO Live RCO
E. London Philharmonic Orchestra, Haitink DECCA (oorspronkelijk op Philips uitgebracht)
F. Kirov Orkest, Gergiev PHILIPS

Bij de laatste ronde werd de opening van het tweede deel beluisterd. Hier werd vrij snel duidelijk en was men unaniem van mening dat opname H het hoogtepunt van de uitzending vormde. Alles leek hier te kloppen.

G. Detroit Symphony Orchestra, Dorati DECCA
H. Cleveland Orchestra, Boulez Deutsche Grammophon
I. Columbia Symphony Orchestra, Stravinsky Sony

Aan het slot waren het voor twee panelleden, opname H en F die er uitsprongen en voor een panellid opname H en D. Boulez op Deutsche Grammophon dus de kampioen, Gergiev op Philips op de tweede plaats en Jansons op RCO Live kreeg brons.

Voor mij persoonlijk blijft die onder Davis op Philips met het Concertgebouw Orkest uit 1977 nog steeds de toetssteen.