Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen

Luidsprekers

Sonus Faber Venere 1.5 – de kleine verleider

Thursday, April 25th, 2013

Sonus Faber Venere 1.5 – de kleine verleider

Mijn eerste kennismaking met het Italiaanse Sonus Faber, was met de revolutionaire Electa Amator. Een prachtig uitziend en klinkend ontwerp. Diezelfde combinatie vinden we ook weer bij de Venere 1.5 monitor luidspreker terug. Het programma zal uiteindelijk 6 modellen omvatten. Drie zijn er reeds beschikbaar, waaronder de hier besproken Venere 1.5 en de duurdere 2.5.

Eenmaal uitgepakt werd weer duidelijk hoe netjes en strak deze weergevers eruit zien. Een lust voor het oog zijn deze boxen door het ontwerp, dat ook nog een technisch doel dient: het onderdrukken van ongewenste interne resonanties. Functionaliteit en schoonheid sluiten elkaar dus niet noodzakelijkerwijs uit. Mooi afgewerkt zijn ook de stands, die eenvoudig versteld kunnen worden.

Mode

Er is niets veranderlijks dan een mens. We ondervinden regelmatig dat niet alleen onze persoonlijke voorkeur, maar ook de collectieve smaak in de loop der tijd verandert. Wat voor pakweg 15 jaar geleden nog beoordeeld werd als dynamisch, gedetailleerd en open, kan in onze tijd zo maar worden aangemerkt als steriel, koud en afstandelijk. Dat kan in geen geval over de geluidspresentatie van de Venere’s, gezegd worden. Neen, eerder innemend, betrokken en verleidelijk; zoals duidelijk zou blijken…

Luisteren

Ik trapte af met Murcofs Martes om te kijken hoe de Venere’s reageerden op impulsrijke muziek. Verrassend snel en open werd track 3 weergegeven, zonder uit de bocht te vliegen. Berlioz’ Fantastique klonk opvallend gelaagd, waarbij de verschillende timbres gemakkelijk te onderscheiden bleven. Dat rijke kleurenpalet, viel evenzeer op bij Poulenc. Ook de percussie in Bartoks pianoconcert, klonk correct en natuurlijk. Bij dit alles, viel het diepe en relatief precieze stereobeeld op. Bovendien deden de Venere’s het mijn inziens belangrijkste aspect ook goed: de algemene klankbalans. Ofschoon ik daarvoor wat meer aan de slag moest. Opvallend was hoe de Venere’s reageerden op verplaatsingen in de luisterruimte. Aanvankelijk was de hoeveelheid laag en sub-laag ietwat onderbelicht, maar dat was snel verholpen door de speakers een halve meter naar achteren te plaatsen. Dit ging wel ten koste van wat resolutie, maar de klankbalans was nu aanzienlijk verbeterd. De beste resultaten behaalde ik uiteindelijk door de speakers 1.20 van de achterwand en 1.50 meter van de zijwanden te plaatsen, met een lichte indraaiing van ca. 15 graden. Een krachtige versterker is wel een voorwaarde om de Venere’s volledig te laten stralen. Maar dan zijn dit ook absolute droomspeakers in hun prijsklasse.

Etherische warmte

Alles overziend een prachtige weergever, die niet bedoeld is om opnames en andere componenten in de audioketen te fileren. In tegendeel, dit zijn luidsprekers die – na een dag hard werken in deze lawaaimaatschappij – ons eenvoudig laten genieten van muziek. De Venere’s leveren meer dan ze kosten en hun etherische warmte zal mij nog lang bijblijven…

Emile Stoffels
Luister Magazine

Gebruikte apparatuur:
ModWright SLW 9.0 SE Signature voorversterker;
ModWight KWA 100 SE eindversterker;
Marantz 7001 SACD speler;
Siltech Interlinks en luidsprekerkabels;
NordOst voedingskabels

Gebruikte software:
Berlioz – Symphonie Fantastique, Davis; Philips
Murcof – Martes; Leaf Label
Bartok – Pianoconcerten, Pollini/Abbado; DG
Schoenberg Berg Webern – Vienna, Dorati; Mercury
Poulenc – Jos van Immerseel;
Zig Zag

Prijzen (per paar):
Venere 1.5, stand model € 1.150,00 per paar
Stands voor Venere 1.5            € 450,00 per paar
Verkrijgbaar in de kleuren piano zwart en wit

Informatie:
Website importeur en (BeNeLux) dealers: www.durob.nl

Avantgarde Uno – een State of the art weergever

Wednesday, August 3rd, 2011

‘Ik hoef het beeld alleen van het overtollig steen te bevrijden’, sprak de beeldhouwer Auguste Rodin, toen hem iets over een van zijn kunstwerken werd gevraagd. In navolging van zijn grote voorbeeld Michelangelo, wist deze erfgenaam der Barok en tegelijkertijd erflater der moderne plastiek, menselijke figuren ‘uit steen te verlossen’ op een wijze die aannemelijk maakt dat geen ander resultaat denkbaar zou zijn. Het is een soort van onvermijdelijkheid die wij ook ondervinden in de muziek van Ludwig von Beethoven.

Iets dergelijks ervoer ik ook bij het zien en horen van de Avantgarde speakers, die ik een tijd geleden voor het eerst hoorde bij Audio-Life in Buren. Ik was direct onder de indruk van de verpletterende live presentatie en probeerde me in te beelden hoe deze jongens bij mij thuis zouden klinken. Interessant in deze is dan ook de definitie dat Avantgarde Acoustic van het begrip puurheid geeft, in verband met hun producten: “Een functioneel ontwerp dat noodzakelijkerwijs ontstaat uit zijn toepassing.”

De voorhoede

Avant-garde is sedert de jaren ’20 van de vorige eeuw een gebruikte term ter aanduiding van internationaal gerichte groepen revolutionaire kunstenaars, die experimenteren met nieuwe kunstvormen en de artistieke procedés van hun voorgangers radicaal afwijzen. De term werd voor het eerst toegepast op een groep links-pacifistische kunstenaars die in 1916 bijeenkwamen in het Cabaret Voltaire te Zürich. Sindsdien wordt de term gebruikt voor een aantal groepen van vernieuwers, van voor de Tweede Wereldoorlog. De term kan eigenlijk gebruikt worden voor elke vooruitstrevende groep kunstenaars die breekt met de traditie en kan het best toegepast worden op een bepaalde levensopvatting, of meer specifiek voor een kunstenaarshouding waarin het experimenteren met nieuwe vormen centraal staat.

Precies die pioniersgeest ademt het Duitse Avantgarde Acoustic ook uit. Een bezoek aan hun website maakt dat snel duidelijk. Het bedrijf stond vorig jaar onder een nieuw motto op de High-End show in München: “Purity meets Performance”; een bedrijfsfilosofie die op bewonderingwaardige wijze in alle speakersystemen is doorgevoerd. Dus ook in het hier geteste model: de Uno. Er zijn diverse modellen in het programma, maar dit is het instapmodel en het ligt dan ook voor de hand dat er nog een Duo en een Trio is. Verder is er nog een geheel actief speakersysteem, de Solo en een indrukwekkende bashoorn.

Uiteindelijk nam ik contact op met Number 4; de importeur van Avantgarde en werden de 70 kilo zware speakers in delen in mijn huiskamer gebracht en in elkaar gezet. Dat verliep allemaal rimpelloos en toen de eerste speaker was geplaatst werd dan ook de gepaste kreet geslaakt: “Uno!”.

De afwerking is fantastisch en het design zou wat mij betreft in aanmerking komen voor een grote prijs. Juist omdat het qua design geen alleman vriendje is. Ik was in elk geval geheel overdonderd door de vormgeving. Het is opvallend in z’n eenvoud en dat maakt het zo bijzonder. Toch zijn er mensen die deze speakers om onbegrijpelijke redenen wanstaltig noemen. Verder zijn de Avantgardes in allerlei kleuren te krijgen, opdat er een goede afstemming mogelijk is met de omgeving waar ze komen te staan.

De Uno heeft een 20 inch sferische hoorn die het gebied weergeeft van 300 Hz tot 3 kHz. Daarboven neemt een 5 inch hoorntweeter het over. Het laag wordt actief gedaan met aparte 250 watt versterkers in het baskabinet, die twee 10 inch drivers per kant aansturen. Er is dus alleen een versterker nodig voor het midden en hoog. Deze beide hoorns hebben bij elkaar een gevoeligheid 104 dB en kan er met slechts enkele watts een orkaan aan geluid geproduceerd worden.

Funcionaliteit

Functioneel en logisch zijn de Avantgardes ook. Aan elke hoek van de speaker kan eenvoudig de hoogte ingesteld worden en derhalve de luidspreker laten kantelen of overhellen, wat erg veel invloed op het stereobeeld heeft. Evenzo is het mogelijk het werkgebied van de hoorns in te stellen. Aangezien het laag actief is, kon ik het goed aanpassen. In mijn huiskamer bevindt zich een lichte vorm van compressie die mij in sommige gevallen parten speelt. Maar dus niet in het geval van de Avantgardes. Ook bleken ze niet overmatig kritisch bij het plaatsen. Wel gaat er enige tijd zitten ik het in- en uitdraaien en het naar voren en achteren laten hellen van de speakers. Eenmaal naar tevredenheid opgesteld, kon het luisteren beginnen. Voor het midden en hoog gebruikte ik mijn ‘old warhorse’ de EL84 single ended buizen versterker. De Philips SACD 963 gebruikte ik zowel als bron en als loopwerk voor mijn NOS DAC’s.

Speaker bekabeling was aanvankelijk een solidcore type van AudioQuest. Ik begon hiermee omdat uit mijn ervaring sommige hoornsystemen wat nadruk kunnen hebben in het midden tot het midden-hoog. Deze ‘bruin’klinkende kabel zou dat dan moeten neutraliseren. Maar al gauw bleek dat dat niet nodig was, omdat deze weergevers een toonbeeld zijn van neutraliteit. Later werd dan ook de Heimdall van NordOst gebruikt die in mijn ondervinding volstrekt neutraal en homogeen klinkt en een mooie match bleek met de Avantgardes. Dat bleek wel uit Martes van Murcof. Het laag was aanzienlijk sneller en preciezer en toch kon ik zelfs nog wat extra laag bijdraaien.

Luisteren

De ritmische potentie was wat me als eerste opviel. Zo was Dancing Girls op Human Racing ongekend elastisch en snel. In het begin wilde ik echter vooral overdonderd worden en selecteerde daar dan ook mijn muziek op. Om een paar voorbeelden te noemen: Ouverture 1812 van Tchaikovsky, De IJzergieterij van Mosolov, de Scytische Suite van Prokofiev en het Requiem van Berlioz. Ik wilde echter aftrappen met iets zeer passends: Requiem für einen jungen Dichter van Bernd Alois Zimmermann. Deze Duitse componist die in 1967 vrijwillig uit het leven stapte, heeft een klein maar interessant oeuvre nagelaten. Belangrijker evenwel voor dit thema is, dat hij behoorde tot de Avantgarde.

Dit Requiem is een huiveringwekkend document, met een uitdrukkingskracht die de omschrijving bijna tart. Het is een Gesamtkunstwerk voor groot orkest, drie koren, solisten, sprekers, jazz combo, orgel en elektronische tapes met citaten van de grote filosofen en literatoren en geluidsfragmenten van belangrijke gebeurtenissen uit de vorige eeuw. Het slot met citaten uit o.a. Beethoven’s negende, Hey Jude van de Beatles en Joseph Goebbels’ opzwepende redevoering over de totale oorlog in februari 1943, kwam mijn huiskamer binnen op een manier die bijna fysiek was. Dat kwam niet in de laatste plaats door de luisterrijke stage die de Uno’s neerzetten.

Bij Mosolovs IJzergieterij was het net of dat de roestige fabrieksdeuren opengingen en we de arbeiders aan het werk zagen met de bewerking van het metaal. De natuurlijke resonantie en het geweld van deze noeste arbeid, was adembenemend. Zo groots en imposant! Even groots was Bruckners achtste. Wanneer de slotpassage in de finale aanbreekt, zou men bijna tot het Christendom bekeerd worden. Geen enkele stichtende literatuur of exegese kan overbrengen wat Bruckners kunst doet in deze. Het koper was pregnant en massief zonder dat het op de oren ging staan. Zelfs op geluidsvolumes die we elkaar doorgaans niet willen aanbevelen.

In de praktijk bleken de Avantgardes alles te kunnen. Groot waar het groot, klein waar het klein moet zijn. Ook kamermuziek in alle combinaties werd op de juiste schaal gepresenteerd. Zeer intiem was bijvoorbeeld Francks sonate. Chung had de correcte afbeelding en Lupu’s piano stond vrij in de ruimte zonder kleuring. Wat me keer op keer opviel was dat ik na ieder afzonderlijk stuk muziek, niet direct naar het volgende stuk ging. Blijkbaar was er behoefte aan rust of zelfs verwerking. Bijkomen moest ik ook van Poulencs Orgelconcert. Deze orgelthriller was een ervaring op zich met de Uno’s. Buitengewoon veel micro-informatie bespeurde ik op deze opname. De lucht die door de pijpen stroomt, de kleppen, de ambiance: alles was aanwezig.

Maar de realistische weergave had ook een duidelijke schaduwzijde. Om maar even af te dalen naar triviaal amusement: mijn kinderen hadden op Playstation 3 de grootste schik met deze alleseters. Call of Duty was zo realistisch dat we ons moeten afvragen of dit soort spellen nog wel verantwoord zijn. De kogels en granaten vlogen me om de oren op een manier die ik niet gewend was. De kroost vond het uiteraard geweldig, maar ik voelde me wat ongemakkelijk. Het kwam allemaal zo dichtbij…

Conclusie

Ja, ik ben inderdaad enigszins uit mijn sokken geblazen. Met lede ogen zag ik dat de Uno’s weer werden opgehaald. Ik heb dan ook bewust een week gewacht met het weer aansluiten van mijn eigen speakers. Ik kan volstaan met te zeggen dat dit de meest indrukwekkende luidsprekers zijn die ik de laatste jaren gehoord heb. De Avantgardes waren dynamisch, groots, intiem en tegelijkertijd spectaculair zonder dat het een kermis werd. Ook het design droeg bij aan de muziekbeleving. Deze weergevers zijn inderdaad ware kunststukken en ik vraag me af hoe de topmodellen klinken…

Emile Stoffels

Gebruikte CD’s:

Tchaikovsky – Ouverture 1812/Philips;
Mosolov – IJzergieterij/Decca;
Prokofiev – Scytische Suite/DG;
Berlioz – Requiem/Philips;
Zimmermann – Requiem für einen jungen Dichter/Wergo;
Franck – Sonate voor Viool en Piano/Decca;
Martinu – 4de strijkkwartet/Briljant Classics;
Poulenc – Orgelconcert/Erato;
Jungen – Symphonie Concertante/Telarc;
Nik Kerhaw – Human Racing/MCA;
King Crimson – Three of a perfect pair/EG records;
Genesis – A Trick of the Tail/Virgin 2007 remix;
Murcof – Martes/ Leaf Spain

Prijs: €13.500,-

Informatie: http://www.avantgarde-acoustic.de/

Audiophysic Sitara – Sierlijke HiFi

Sunday, February 6th, 2011

Audiophysic Sitara

De eisen en functies van luidsprekers zijn in de loop der tijd enigszins veranderd. Waar exotische speakersystemen voor pakweg twintig jaar terug veelal nog grillige ontwerpen waren, wordt dat nu zoveel mogelijk teruggebracht naar eenvoudige doch strakke designs.

Audiophysic is zo’n bedrijf dat dat op succesvolle wijze doet. Al hun modellen voldoen qua verhouding en vormgeving aan de gulden snede en zijn een lust voor het oog.

Het gerenommeerde bedrijf van eigenaar Dieter Kratochwil en ontwerper Manfred Diestertich uit het Duitse Brilon, timmert al weer sinds 1983 aan de weg en ik was dan ook benieuwd naar de prestaties van de Sitara luidsprekers in mijn huiskamer. Bij het uitpakken werd mij al snel duidelijk dat dit bedrijf buitengewoon serieus is en nadere inspectie ontblootte dan ook een afwerking van de hoogste kwaliteit. De in China vervaardigde kasten zijn werkelijk vlekkeloos afgewerkt. De drivers daarentegen worden ontworpen en ontwikkeld in eigen huis en exclusief voor Audio Physic gemaakt.

De Sitara is een 2,5 weg systeem en het kleinste vloerstaand model uit de High-End serie met een gevoeligheid van 89dB en een nominale impedantie van 4 ohm. Opvallend is hoe het faseverschil tussen de tweeter en middentoner wordt gecorrigeerd, door de kast zeven graden achterover te laten kantelen. Er zijn uiteraard meerdere wegen die naar Rome leiden, maar dit is wel op een zeer esthetisch verantwoorde wijze gedaan. Verder is de kast te verkrijgen in diverse uitvoeringen: Maple, Black Ash, Cherry, Walnut, Ebony, White High gloss en Black High gloss. Overigens is er tegen een meerprijs van 200 euro de mogelijkheid tot bi-wiren.

Luisteren

Het eerste paartje dat ik kreeg was niet ingespeeld behalve dan dat de Drivers door Audiophysic gedurende 15 uur getest en belast worden in de fabriek voordat ze geassembleerd worden. Dit stelde mij weer eens in de gelegenheid te horen, hoe een systeem zich ontwikkelt tijdens het inspeelproces. Het proces dat wellicht is te vergelijken met de metamorfose van een onooglijke rups naar een prachtige vlinder. Altijd interessant! Toch schijnen er – om onbegrijpelijke redenen – nog steeds mensen te zijn, die vinden en/of denken dat dit onzin is. Maar dat is bijna niet voor te stellen na wéér de zoveelste ervaring, met een nieuw component in een audio keten.

Hoe dan ook, om toch maar snel meters te kunnen maken, werd het eerste duo door More Music omgeruild voor een volledig ingespeeld paartje. Niet dat ik het vervelend vond, een systeem langer dan normaal in huis te moeten hebben. Integendeel! Het leven is echter te kort en de kunst te lang…

Eenmaal uitgepakt en voorzien van de bijgeleverde spikes, kwam ik bij de eerste globale luistersessie uit op een sterk ingedraaide positie op ongeveer 30 centimeter van de achterwand. En dan moeten we toch denken aan een stand waarbij we – indien we het hoofd iets naar rechts of links verplaatsen – al snel de buitenste zijwand van de kasten kunnen zien. Als ik ze weer iets uit elkaar draaide, had dat uiteraard invloed op het stereobeeld. Stemmen en instrumenten waren in dat geval iets moeilijker te lokaliseren en werden dan gradueel groter afgebeeld. Anders gezegd: bij meer indraaien werd het beeld significant scherper en nam de doorluisterbaarheid fors toe. Het is dus de moeite waard enige tijd te investeren in het juist positioneren van de Sitara’s, maar de beloning is groot. Nu moet ik wel zeggen dat ik genoodzaakt was de speakers zo in te draaien, omdat ze 3 meter uit elkaar waren geplaatst door een dressoir. Ik vermoed dan ook dat als de Sitara’s wat dichterbij elkaar zouden staan, er ook geen sterke indraaiing nodig was. De ene luidspreker reageert daar gevoeliger op, dan de ander. Mijn Mission’s die altijd op diezelfde plek staan, hebben daar wat minder last van.

Aangestuurd door mijn Philips DVD 963A, replica Audio Note M7 en Charlize eindversterker, gaven de Sitara’s aanvankelijk een klankbalans die naar mijn zin ietwat tendeerde naar het midden-laag. Toevallig had ik ter recensie ook een aantal voeten uit het Harmonix programma in huis, die ik kon inzetten. Met de RF-900MKII voeten werd die tendens al grotendeels geneutraliseerd, al bleef het toch nog net iets teveel naar mijn smaak. Het voor de hand liggende advies in deze is dan ook om rand apparatuur te kiezen die dat compenseert. Ik kon op dat moment nog niet beschikken over mijn nieuwste referentie, de ModWright KWA 100. Die zou ongetwijfeld nog meer tonale balans hebben aangebracht en bovendien meer profiel. Feit blijft dat uiteindelijk de oren van de potentiële koper zelf tot gids moeten zijn.

Maar laten we vooral noemen waar de Sitara’s goed in waren, want die gedachte overheerst absoluut. Ondanks de genoemde geneigdheid naar het midden-laag, bleken ze behoorlijk ritmisch en bleef er meer dan voldoende elasticiteit over om snellebasloopjes en synthesizers accuraat en met het nodige profiel weer te geven. Dat bleek wel met Dancing Girls op Human Racing van Nik Kershaw. Maar vooral houtblazers werden mooi neergezet. De fagot in de opening van Le Sacre klonk gitzwart en met veel druk. Evenzo de basklarinet iets verderop in het stuk en de rest van het hout hadden het natuurlijke timbre. Het lag dan ook voor de hand dat ze makkelijk waren te identificeren. Een goede test is ook om de hobo van zijn grotere broer de cor-anglais te onderscheiden. Die proef werd ook goed doorstaan in de genoemde balletsuite van Stravinsky. Een ander voorbeeld is de opening van het tweede deel van Vaughan Williams’ 9de symfonie. Daar kan men namelijk gemakkelijk twijfelen tussen een trompet en een flugelhorn en ook hier lieten de Sitara’s het verschil overtuigend horen.

Ofschoon de Sitara’s qua klank iets aan de warme kant zitten, werden wel degelijk masteringsverschillen weergegeven. Dat bleek wel uit een vergelijk tussen de ‘Originals’ serie van Deutsche Grammophon en de eerste generatie Cd’s uit datzelfde huis. Ook veranderingen in de audio keten werden gemakkelijk opgemerkt door deze vloerstaanders. Van tijd tot tijd sluit ik een losse DAC aan op de digitale uitgang van mijn Philips DVD 963A en dat werd overduidelijk blootgelegd; net zoals de experimenten met andere voedingskabels, goed te horen waren.

Conclusie

De Audiophysic Sitara bleek een prettig en aangename speaker zonder dat het de verschillen in opnames nivelleert. Bij veel speaker systemen, sluiten deze aspecten elkaar veelal uit; maar niet bij de Sitara. Anders gezegd: meestal is het óf een aangename klank, óf hoge resolutie, openheid enz.

Zoals altijd dient de potentiële koper ook aandacht te besteden aan het zoeken naar een passende versterker die het enigszins volslanke karakter wat beteugelt. Verder denk ik dat er het beste bekabeling gebruikt wordt, die niet teveel de nadruk legt op het lage midden gebied.

Tot slot heb ik door de smetteloze uitstraling en afwerking ook genoten van de fysieke aanwezigheid van de Sitara’s in mijn huiskamer. D’accord, alles heeft ook z’n prijs maar een dergelijke afwerking is inderdaad zeldzaam en ik kan me voorstellen dat maar weinig echtgenotes een probleem hebben met het sierlijke design.

Emile Stoffels

Gebruikte Cd’s:
Nik Kershaw – Human Racing;
Prince – 3121;
Bartok – Piano Concertos – DG 457 909-2;
Beethoven – 9th Symphonie – DG 447 401-2;
Schönberg – Verklärte Nacht – DG 457 721-2;
Stravinsky – Le Sacre du Printemps – Philips 416 498-2;
Vaughan Williams – 9th Symphony – RCA GD 90508;

AVANTGARDE UNO

Friday, January 14th, 2011

Gisteren zijn bij mij ter recensie voor HVT, de Avantgarde Uno luidsprekers afgeleverd door Number 4. De bruten hebben een gevoeligheid in het midden-hoog van 104 dB. Het laag wordt actief aangestuurd. Deze speakers beschikken over real stopping power, als je ruzie met de buren hebt of zoekt. Ze zien er tamelijk futuristisch uit en slepen wellicht ook nog een prijs in de wacht voor het design. Ben benieuwd…

WHARFEDALE ONYX 100

Tuesday, December 28th, 2010

WHARFEDALE ONYX 100

Het door Gilbert Briggs in 1932 opgerichte Wharfedale produceert al ruim 70 jaar sterk concurrerende luidsprekers en dankt haar naam aan een vallei bij Yorkshire, waar de rivier de Wharfe doorheen vloeit. De Engelse firma maakt inmiddels deel uit van de International Audio Group en is niet meer weg te branden uit het audio landschap.

De Onyx familie is een home entertainment lijn en het hier geteste type 100, is het kleinste model. Het is een compacte luidspreker van 8,7L inhoud met een basreflex systeem, een nominale impedantie van 6 ohm en 86 dB gevoeligheid. Daarboven komen de types 200 en 300. Verder zijn er nog twee centrale units in dit programma, een wall surround en een sub woofer.

Bij het uitpakken was ik behoorlijk verrast: de afwerking is namelijk uiterst zeldzaam voor deze prijsklasse. Volgens de site van de dealer worden er twee meesters gediend. “Onyx vormt niet alleen een centraal punt in een hifi systeem, maar ook in de algehele aankleding van de kamer”. Bij dat laatste kan ik me alles voorstellen en verwacht op dit gebied niets dan lof bij de esthetisch ingestelde audio liefhebbers onder ons. De uitvoeringen zijn in hoogglans zwart of wit en er kan – indien gewenst – bi-wiring worden toegepast.

Luisteren

Nadat de bewondering voor het strakke en gedistingeerde design een beetje was gezakt, brak de tijd aan om de Onyx 100 op zijn belangrijkste merites te beproeven. Er was een week lang bijna onafgebroken ingespeeld. De bron was de Philips DVD 963A, met zo nu en dan de Valab NOS DAC aan de digitale uitgang. Dit om zoveel mogelijk smaakjes te gebruiken. Het immer kloppende hart van mijn budget systeem is nog steeds het werkpaard de Harman Kardon HK 680. Zoals al eens eerder gezegd, is dit best een muzikale versterker, omdat er relatief weinig tegenkoppeling is toegepast.

Het eerste dat opviel was de milde klankbalans en een overwegend opaak timbre. Overgeproduceerd materiaal klonk doorgaans prettig, aangenaam en nimmer vermoeiend. Listen Without Prejudice bijvoorbeeld van George Michel had ik niet eerder zo genoeglijk gehoord. Dat gold ook voor Stripped van Christina Aguilera en Time’s Up van Living Colour. Wel vond ik het vertoonde kleuren palet beperkt, maar dat kon wel eens te wijten zijn aan de HK in combinatie met de cd speler.

Musicologie van Prince ontblootte echter een behoorlijke tendens naar het lage midden, wat in mijn huiskamer nog eens extra wordt aangezet. Dat was bij meerdere cd’s het geval. Daarom ben ik een avondje naar een goede vriend gegaan, om ze daar ook eens aan de tand te voelen. Zijn luisterruimte heeft dat probleempje niet. Bij die gelegenheid werd een ander belangrijk kenmerk van de Onyx duidelijk. Deze speakerset heeft namelijk de neiging nagenoeg alles uit te middelen en zal zelden of nooit de klankverschillen binnen een CD blootleggen.

Echter, een dag of wat daarna wisselde ik de HK voor de Yarland FV 34Aiii; de laatste uitvoering met buizen gelijkrichting. Dit is een single ended buizenversterker met een slordige 10 watt vermogen en bepaald geen voor de hand liggende keuze, om een speaker met 86 dB rendement te loodsen. Toch bleek deze omzetting buitengewoon zinvol, daar er nu veel meer kleur was te onderscheiden en de Yarland met een relatief gemak de klus klaarde. Aangezien de Yarland ook duidelijk wat weker in het lage midden is, werd de bult in dat gebied bij de Onyx deels geëffend. De HK bleek dus geen gelukkige partner en onderstreept maar weer eens dat het zeer de moeite waard is tijd te investeren in de zoektocht naar de juiste combinatie.

Conclusie

Aangezien er binnen deze prijsklasse een schier oneindige hoeveelheid compacte luidsprekers op de markt is, onderscheidt de Wharfedale Onyx 100 zich primair door de vlekkeloze afwerking en zal in vrijwel iedere leefruimte toonbaar en innemend zijn. De hier geteste Onyx 100 zal altijd mild zijn, maar heeft daar en tegen niet direct de neiging onderscheid aan te brengen tussen het afgespeelde materiaal en zal aldus overgeproduceerd materiaal veelal afvlakken. Dat leidt tot een bepaalde voorspelbaarheid, die niet iedereen zal bekoren. Anderen zullen dat nu juist weer prettig vinden, maar persoonlijk kon deze speaker mij aanvankelijk niet in vuur en vlam zetten. Althans, tot aan het moment van de versterker omzetting. Om de Onyx 100 dus wat meer openheid en kleur te geven zal men dan ook graag op zoek gaan naar een CD speler en/of versterker die wat meer het accent legt op het midden hoog met een gedoceerde slankheid in het laag. Mogelijk zullen ook de luidsprekerkabels en interlinks daarin betrokken moeten worden.

EMile Stoffels

Gebruikte CD’s:

HORNmanufaktur Allegro

Friday, December 17th, 2010

HORNmanufaktur Allegro NT speakers

Als er sprake is van hoog rendement breedband speakers, dan heeft dat direct mijn onverdeelde aandacht. Dit, omdat het zoveel voordelen heeft voor de versterking. Afhankelijk van het rendement, kan men met slechts enkele watts een orkaan van geluid ontketenen. Ook is de fasezuiverheid 100%, wat resulteert in een goede ruimtelijke afbeelding en harmonieuze weergave. Door de open behuizing, is er tevens een aanzienlijke dynamiek. Daar staat tegenover dat dergelijke speakers weleens bepaalde voorkeuren in het hoge midden gebied hebben; tot soms op het agressieve af.

Ha die Hay

Hay-End Audio uit Venlo liet een tijdje geleden weten dat het een paartje Allegro NT speakers van het Oostenrijkse HORNmanufaktur binnen zou krijgen en nodigde me uit om ze te komen beluisteren. Dit uiteraard nadat ze volledig waren geacclimatiseerd en ingespeeld. Toen dat eenmaal was gebeurd, reisde ik af naar het Noord Limburgse Venlo naar de immer vriendelijke en gastvrije Hay Kockelmans.

Het was overigens niet de eerste keer dat ik bij Hay was geweest. Een aantal jaren geleden beluisterde ik samen met een oude vriend, een prachtige 2A3 push-pull versterker. Nu waren het dus de HORNmanufaktur Allegro NT speakers, die aanleiding gaven tot een bezoekje.

In het opvallende kastontwerp neemt één enkele breedband unit het gehele werk voor z’n rekening met een gevouwen hoorn concept. Deze dubbelconus unit is een eigen ontwikkeling van HORNmanufaktur. Door de breedbander is er geen enkele filtering, wat de natuurlijke weergave uiteraard ten goede komt. Verder, is de gevoeligheid 96dB en de nominale impedantie 8 ohm. De kast is tegen meerprijs in verschillende fineer uitvoeringen te krijgen: kersen, walnoot, maple en satijnlak uitvoeringen.

Luisteren

Na een drankje en een gezellige babbel, gingen we er eens voor zitten. Aanvankelijk werden de Allegro’s aangestuurd door de Dared MP30 single ended 300B. Dat ging erg makkelijk, gezien het hoge rendement. Zelf luister ik regelmatig naar vergelijkbaar gevoelige speakers met zelfs nog een kleinere eindbuis; en dat gaat prima.

Toch werd de 300B gedurende de luistersessie vervangen door zijn grote broer de Dared VP845 met de 845 eindbuis; overigens ook in single ended configuratie. Niet dat dat nodig was, maar we waren gewoon nieuwsgierig naar wat een grotere buis aan kracht zou toevoegen. Dat bleek in de praktijk wel mee te vallen, behalve dan dat het lage midden en laag iets meer gemak en profiel kreeg. Frontend was de Cayin CD-100i S-HEA cd speler.

De Allegro bleek een dynamische speaker die mooi plaatst en een goede klankbalans heeft. Ook viel de hoge resolutie op, wat typisch genoemd kan worden voor breedbanders. Ik zou niet willen zeggen, dat de Allegro absoluut ongekleurd was. Hij had wel zo zijn voorkeurgebieden en kleuringen in de wat lagere middenregisters, maar het kleurtje beviel me uitermate. Het had een mate van smeuïgheid die prettig was. Die ‘kleuring’ werd overigens weer minder met de Cayin VP-100i geïntegreerde KT88 push-pull versterker en bovendien moet men vanzelfsprekend pas een definitief oordeel vellen, nadat men speakers onder de persoonlijke omstandigheden heeft getest.

Iets nog over de fysieke plaatsing van de Allegro’s. De fabrikant adviseert dat sterk indraaien weinig oplevert en dat klopte ook wel. Grappig was dan ook dat ik ten tijde van deze sessie, zelf de Audio Physic Sitara speaker thuis had staan (uit Duitsland), waar het sterk indraaien juist een absolute voorwaarde bleek. Hier was het dus precies tegenovergesteld, zij het iets minder.

Als afsluiting werd er nog het nodige vinyl gedraaid dat ik had meegenomen. Zo werd ik weer getroffen door de schitterende opname van Bartoks Music for Strings, Percussion and Celesta op EMI onder de baton van Eugene Ormandy. De Allegro’s bleken bijzonder geschikt de intiem mystieke atmosfeer van Bartoks derde deel – het nachtelijke stuk – te vangen. Dat zegt veel over het oplossend vermogen van deze breedbanders.

Conclusie

Al met al heeft HORNmanufaktur met de Allegro NT een interessant systeem op de markt gebracht, dat zich goed zal weten te handhaven binnen het hoogrendement luidsprekerlandschap. Er is overigens nog een model met een vereenvoudigde kast maar met dezelfde breedbandunit: de A90. Het prijsverschil met de Allegro NT is 1600 euro per paar; wat aanzienlijk minder is. Persoonlijk zou ik echter direct voor de Allegro’s gaan…

Emile Stoffels

Een paar Allegro NT in standaard berken fineer heeft als adviesprijs € 6395,-.

Voor meer informatie en voor inlichtingen:
www.hayendaudio.nl
info@hayendaudio.nl
(0031)(0)6 155 45 270

Naschrift importeur.

Inmiddels heeft de fabrikant op aanraden van Hay een kleine wijziging aangebracht die de al geringe kleuring tot een verwaarloosbaar minimum reduceert.