Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen


« | Main | »

CARUSO

Geplaatst door: emile | July 3, 2015

Caruso204CARUSO (1873-1921)
Uitgever: Flanor
ISBN: 9073202825
Auteur: Patrick Spriet
Aantal pagina’s: 121

Een schreeuwerig geruit pak, grijze gleufhoed en gele handschoenen, geklemd om de gouden knop van een wandelstok. Een dandy met de uitstraling van snoepgoed. Zo omschreef de sopraan Geraldine Farrar de legendarische tenor Enrico Caruso, met wie ze in 1904 een ontmoeting had.

Patrick Spriet maakte een geromantiseerd portret van deze Napolitaanse opera tenor. Geromantiseerd, omdat voor een klassieke biografie de archieven te veel verspreid door Italië en Amerika lagen. Bovendien is veel materiaal blijkbaar nog in privé bezit. Een fictief verhaal dus rondom een aantal historische gebeurtenissen: de zomer van 1910 en 1911, bezet met optredens in het Kursaal van Oostende. Een stad die volgens de auteur toen ‘het Rome van de Belle Epoque’ was. Tegen een bruisende achtergrond van de hotelwereld, toerisme en intriges plaatst Spriet zijn verhaaltjes met charmante dames, de kunstschilders Leon Spilliaert en Jef Vande Fackere en de bariton Pasquale Amato.

Hoewel elegantie en grandeur Caruso niet kon worden ontzegd, was het vooral de elegantie en de grandeur van een patser. Zijn vermogen om zijn intellectuele beperkingen te maskeren en te ontstijgen, was een sterkste eigenschap waardoor hij een van de belangrijkste mensen in de wereld werd. Overal, van Sint Petersburg in het noorden tot Buenos Aires in het zuiden, gaan de deuren van paleizen, operahuizen en slaapkamers voor hem open. Er werden 5 miljoen grammofoonplaten van hem verkocht; de eerste opname in 1902 en tevens de eerste in de geschiedenis. Hij probeerde de emotie die men van een zanger verlangde in die tijd, te verzoenen met het belcanto. ‘Precies daarin ligt de essentie van mijn kunst.’ Caruso werd dan ook de popster aan het begin van de 20ste eeuw.
De opera zwaargewicht had zo zijn eigen opvattingen over hoe het hoogst mogelijke zang niveau te halen. Een volle maag bijvoorbeeld belet de expansie van het middenrif en dus een perfecte ademhaling om een noot goed te treffen. Hij vond dat de energie die nodig is voor de vertering, beter aangewend kan worden voor het conditioneren van de stem. Zijn maaltijden op de dag van een uitvoering, waren dan ook beperkt. Alles in dienst van de zang dus. Hij was echter wel een stevige roker.

Het is een sappig portret geworden, waarin het wemelt van anekdotes en humor; soms ook ondeugend. Enrico Caruso stierf op 2 augustus 1921 op 48 jarige leeftijd in het Vesuvio Hotel te Napels. Hij was op doorreis van het schilderachtige Sorrento naar Rome, waar hij geopereerd zou worden aan een ernstige infectie.

Emile Stoffels
Luister Magazine

Categorie: Boekbesprekingen | Reageer »

Reacties

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.