Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen

Archief: May, 2014

Here/after – Songs of lost voices

Monday, May 26th, 2014

JAKE HEGGIE • GENE SCHEER
Here/after – Songs of lost voices
Stephen Costello • Joyce DiDonato • Nathan Gunn • Talise Trevigne
Carol Wincenc, flute • The Alexander String Quartet
PentaTone Classics SACD PTC 5186 515 DDD 67’14/63’59

Uitvoering / opname **** / ****

Het lied behoort ongetwijfeld tot de vroegste uitingen van de muziek en is vermoedelijk de wortel en oorsprong van de gehele ontwikkeling der toonkunst. Zowel het eenvoudige volkswijsje als het kunstzinnig bewerkte lied, begeleidt de volkeren en generaties sinds jaar en dag. Deze prachtige dubbellaar getiteld Here/after – Songs of lost voices is een verzameling van recente muziek van lied en opera componist Jake Heggie. De SACD bestaat uit liederen cycli, geschreven in samenwerking met librettist en dichter Gene Scheer. Ook horen we werken voor fluit en piano gebaseerd op materiaal uit liederen en opera’s van het genoemde koppel. De eerste cyclus en m.i. tevens het hoogtepunt van deze SACD, is het ‘Into the fire’. Het is gebaseerd op Scheers teksten die gaan over de Frans beeldend kunstenares Camille Claudel (1864 1943), die uiteindelijk aan haar eind kwam in een gesticht. Hierbij vergeleken was bijvoorbeeld de situatie van Robert Schumann een schooluitje. Scheer heeft o.a. kunnen putten uit haar journaals en brieven. Het is een aangrijpend werk geworden. Ook niet te versmaden is het ‘pieces of 9/11 – Memories from Houston’. Jammer dat in een aantal liederen de stem te dichtbij is opgenomen, waardoor het soms op de oren gaat staan. Dit mag de koper echter niet weerhouden.

Emile Stoffels
Luister Magazine 698

Over Simeon – Een vriendschap met Simeon ten Holt

Monday, May 19th, 2014

Simeon ten Holt behaalde een ongekend succes met zijn Canto Ostinato. De bladmuziek werd zelfs op armen getatoeëerd.
Rita Verschuur schreef een boekje over haar tienjarige vriendschap met de kunstenaar toen ze beiden in het Noord Hollandse Bergen woonden. Ofschoon ze een steenworp van elkaar woonden, verliep het contact veelal per brief; iets waar ten Holt aan het einde van zijn leven, steeds meer plezier aan beleefde.
Uiteraard kwamen ze ook regelmatig bij elkaar op bezoek of belden ze. Die ontmoetingen waren altijd thuis bij Simeon, punctueel om vier uur ‘s middags. Maar het contact zou snel zijn verwaterd, als er niet over de diepere zaken des levens gesproken zou worden: liefde, ziekte en dood. Hierdoor werd het een vriendschap die in de loop der jaren steeds hechter en persoonlijker werd. Maar ook de dagelijkse rituelen, kwamen aan bod. Ten Holt noemde ze, “de kapstokjes om ogenblikken aan op te hangen.” Een ander terugkerend thema was het ouder worden en “het heilige nietsdoen”, zoals Simeon dat noemde.

Werkelijk allerlei onderwerpen komen aan bod, zoals het eten van knoflook. Ten Holt: “Als je er maar voldoende van eet, houdt het stinken op.” Apart was ook het verhaal over de komboechazwam. Dit is een paddenstoel die gesuikerde thee omzet naar een heerlijk mousserende frisse drank.

Ten Holt vertelde voor de hand liggend ook iets over het componeerproces. Hij noemde zichzelf een antennebouwer die wachtte op signalen. “Je kiest niet, maar je wordt gekozen.” Ten Holt voelt zichzelf niet meer dan een procesbewaker. Een andere, misschien nog wel treffendere vergelijking, is die van een man die zich door een oerwoud heen werkt met een kapmes. Opeens doemt er een citadel op zonder ramen of deuren, beschermd door een gracht en een leger draken. En dan gebeurt er iets waar geen verklaring voor is: “ineens sta je binnen. Je bent waar je wezen moet.”

Verschuur heeft haar verslag van hun ontmoetingen mogen aanvullen met brieven die de componist aan haar stuurde en beschrijft aan de hand van korte hoofdstukjes op gepast smakelijke manier, de toenemende inkrimping van ten Holts sociale wereld. Hij noemde het treffend “De onteigening die plaatsvindt in een mens, die zijn eenzaamheid aanvaardt.”

Simeon ten Holt overleed in 2012 op negenentachtig jarige leeftijd. Verschuur heeft mij diep geroerd met dit portret van Simeon ten Holt, omdat de onderwerpen uiteindelijk groter zijn dan degene die hier werd geportretteerd.

Emile Stoffels

Uitgever: Cossee, Amsterdam
ISBN: 9789059364875

Gentle Giant – Octopus

Monday, May 12th, 2014

Octopus wordt door veel fans als de favoriete Gentle Giant plaat gezien. En ik snap ook wel waarom, ofschoon ik het met deze band moeilijk kiezen vind. Hoe dan ook, dit is de laatste plaat met Phil Shulmann (oudere broer van Ray en Derek) die hierna meer tijd aan zijn gezin zou besteden. Ook werd er voor deze plaat een nieuwe drummer aangetrokken: John Weathers. Voor de rest bleef de bezetting hetzelfde. Waanzinnig goede muziek en werkelijk elk nummer op deze plaat is anders. Het heeft dan ook geen zin om over “sterkhouders” te spreken, want er staan geen zwakken nummers op. Ook de door Roger Dean (hoezen van Yes) ontworpen hoes, is prachtig.
Ik heb door de jaren heen, veel persingen en cd’s gehoord en kwam voor wat betreft het vinyl altijd terug op de UK (Vertigo ‘Swirl’ 1y//1 – 2y//1). Maar ook de US Columbia (Octopus in het glazen potje) heeft kwaliteiten: een weliswaar wat slanker laag vergeleken met de UK plaat, maar daarentegen een slagje opener midden-hoog. Wel heeft de UK meer gain.
Voor de cd gold de Duitse Line Records als mijn eerste keuze, hoewel de Repertoire ook goed klonk (en vooral luider). De laatste heeft echter een paar kleine foutjes (tikjes) en een zeer nare fout in het laatste nummer “River”. In tegenstelling tot de vinyl uitgave, dient de US Columbia CD vermeden te worden. Deze klinkt schel en dun. Niet om aan te horen.
Degenen die een uitstekende draaitafel hebben met een dito phono versterker, zullen gaan  – als ze dat al niet deden – voor de UK 1ste of 2de persing. Waarbij aangetekend moet worden, dat voor de 1ste persing echt de hoofdprijs betaald moet worden. Uit eigen ervaring echter, heb ik zelden grote verschillen gehoord tussen de eerste en tweede uitgaven binnen Vertigo opnames. Bovendien is de US Columbia een meer dan uitstekend alternatief. Dus een goed klinkend exemplaar hoeft dus geen arm of been te kosten.
Echter, ik kwam steeds meer forumleden tegen, die in hun posts laaiend enthousiast waren over de SHM SACD (niet te verwarren met de SHM CD). Ik besloot om de gok maar te wagen, toen ik een exemplaar op eBay aangeboden zag door een Japanse aanbieder. Met verzendkosten kwam ik uit op €36, wat toch een heel stuk minder is dan een gaaf UK vinyl exemplaar. Een vergelijking met de UK persing drong zich uiteraard op, maar ik was aangenaam verrast toen ik de eerste klanken van de SACD hoorde. Dit is uiteraard goed nieuws voor liefhebbers die geen platenspeler hebben. De SACD klinkt FENOMENAAL en lijkt erg veel op de oorspronkelijke UK uitgave. Sterker nog, ik had het gevoel dat ik naar een vroege generatie mastertape aan het luisteren was. Bij aandachtig door luisteren, klinkt de SACD zelfs nog wat ‘snappier’.

Jammer is alleen dat het een single layer SACD is, wat wil zeggen dat hij niet op gewone cd spelers af te spelen is. Maar ik ben geneigd te zeggen dat deze SACD alleen al de moeite waard is, om een leuke tweede hands SACD te scoren, of een multi speler die ook SACD ondersteunt.

Emile Stoffels

Arabische muziek – Leo Plenckers

Wednesday, May 7th, 2014

Arabische muziek
Leo Plenckers
Uitgever: Bulaaq
ISBN-nr: 9789054601630

Net als in het Westen speelt muziek binnen de Arabische wereld van oudsher een uitermate belangrijke rol. En ook binnen de Arabische muziek, zijn er veel soorten en stijlen die voor de westerse muziekliefhebber moeilijk zijn te onderscheiden. Indien wij erin slagen de uitdrukkingsvormen van een andere cultuur te doorgronden, zullen we ook de ziel erachter begrijpen.
In zijn boek “Arabische Muziek” geeft Leo Plenckers in het eerste deel een historische schets waarin hij op basis van de bescheiden gegevens die zijn overgeleverd, de herkomst van bepaalde kenmerken van de hedendaagse Arabische muziek probeert na te gaan. Vervolgens behandelt hij in grote trekken het melodisch- en ritmisch-modale stelsel, dat de grondslag vormt van de hedendaagse Arabische muziek. Ten slotte volgt aan de hand van muziekvoorbeelden, de bespreking van een aantal belangrijke tradities en genres. Interessant detail is ook dat Pleckers het draaipunt in de ontwikkeling van de Arabische muziek belicht, als deze in aanraking komt met de Westerse muziek in de jaren zeventig van de vorige eeuw.
In oorsprong is de Arabische muziek die der bedoeïen die in de woestijn van het Arabisch schiereiland leven en van de inwoners van de steden Mekka en Medina. Met de Islam als godsdienst en de Arabische taal, heeft deze muziek zich sinds de zevende eeuw verspreid over het nabije oosten, het Midden Oosten en Noord Afrika. Daarbij is de muziek in de loop der tijd beïnvloed door en verrijkt met elementen van allerlei plaatselijke muziekculturen.
Maar niet alleen door taal en geschiedenis, wordt binnen de Arabische wereld de gemeenschappelijke muziekcultuur begrepen. Ook specifieke muzikale kenmerken rechtvaardigen de term ‘Arabische muziek’ als verzamelnaam voor diverse muzikale tongvallen binnen dit verband. Een zo’n kenmerk is het gebruik van de driekwart toon, naast de halve en hele toon. Daardoor bezit de Arabische muziek een veel grotere verscheidenheid aan basis reeksen dan het Westen.
Een ander kenmerk heeft te maken met de manier van overleveren. Vanuit de traditie wordt in de Arabische wereld muziek overgeleverd via luisteren, onthouden en naspelen of –zingen. Deze vorm van overlevering en verspreiding brengt een grote verscheidenheid aan uitvoeringen en een voortdurend ontstaan van varianten met zich mee. Al met al kan de Arabische muziek dus bogen op een rijke traditie en heeft zich ontwikkeld tot een muzikaal universum.

Het werd hoog tijd dat er een dergelijk diepgravend boek over dit onderwerp kwam. Plenckers is er in geslaagd het nodige inzicht en begrip te verschaffen in deze muziek, die stamt uit de bakermat der menselijke beschaving.

Emile Stoffels
Luister Magazine 697