Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen

Archief: December, 2013

SCHUMANN – Concerto without orchestra

Monday, December 30th, 2013

SCHUMANN
Concerto without orchestra op. 15 • Piano Quintet op 44
David Kadouch, piano • Quatuor Ardeo
ARTACT AR003 DDD 53’36

Uitvoering / Opname **** / ****

De stroom van opnames met Schumanns kamermuziek, lijkt maar niet op te houden. Nu weer David Kadouch en het Ardeo Kwartet. Hij werd op 13 jarige leeftijd al door Itzhak Perlman aanbevolen om te spelen in the Metropolian Hall en in 2008 speelde hij het Schumann kwintet samen met Perlman in de Carnegie Hall. Hij is overigens ook te zien op de DVD “Barenboim on Beethoven” uit 2005. De bruisende piano sonate in F mineur opus 14 uit 1835, werd door de uitgever aanvankelijk ‘concert zonder orkest’ genoemd. Dit om tegemoet te komen aan de virtuozen, die mogelijk weinig uitdaging zagen in de titel ‘sonate’. In de eerste uitgave ontbreekt het Scherzo, maar in de tweede druk is dat gelukkig hersteld. Dit werk wordt niet zo vaak opgenomen, terwijl o.a. het langzame deel een van de mooiste bladzijden van Schumann’s pianomuziek is. De onuitsprekelijke hartstocht uit het eerste deel, voelt Kadouch ook goed aan. Van het piano kwintet zijn er uiteraard al veel uitstekende opnames gemaakt (Martha Argerich, EMI live opname), maar het Ardeo Kwartet slaat zeker geen gek figuur. Ik heb genoten van het aanstekelijke en opwindende spel van Kadouch, net als de opname.

Emile Stoffels
Luiser Magazine 694

Bart Stouten – Kersen eten om middernacht

Thursday, December 26th, 2013

Geluidsoverlast is wellicht de meest onderschatte vorm van milieuverontreiniging. Dichter, schrijver en radio-programmamaker Bart Stouten, lijkt dit goed te beseffen. In zijn nieuwste boek, “Kersen eten om middernacht”, laat hij zien dat stilte ons zo veel te bieden heeft.

De titel komt van een voor Stouten belangrijke spirituele ervaring in een Japanse Zentempel. Daar ervaart hij de liefde voor de poëzie. De taal wordt bij die gelegenheid door een Zenmonnik, als nieuw instrument aangereikt. Een nieuwe kans om dichter bij de ongehoorde muziek van het leven te komen.

Wanneer door een noodlottig verkeersongeval zijn beide ouders en tweelingzusje omkomen, ontdekt Stouten, in een Duits ziekenhuis, de helende kracht van Prousts “A la recherche du temps perdu”. Geestelijk voeding op het juiste moment. Het werk zal van invloed blijven op zijn verdere ontwikkeling en vormt min of meer ook de rode draad in dit essay, want de les is: verander het lijden in kunst.

Stouten is een kenner van klassieke muziek en zijn commentaren daarover troffen mij het meest. Als Bartok liefhebber kon ik al lezend alleen maar hevig jaknikken bij wat Stouten schreef over het pianostuk “In de open lucht” en het middendeel van het tweede pianoconcert. Ik moest bij het lezen over deze verstilde stukken direct ook denken aan Henriette Roland Holst die zei dat “de zachte krachten uiteindelijk zullen overwinnen.” Grappig was ook de vergelijking tussen De Beatles (lees McCartney) en Franz Schubert. Bijvoorbeeld de overeenkomst tussen Gretchen am Spinnrade en Eleanor Rigby: “gevangen in dezelfde donkere sfeer, achternagezeten door een beklemmende, melodie die misschien de vergelijkbare uitdrukking is van onvervuld liefdesverlangen, hopeloosheid en onontkoombare eenzaamheid.”

Stoutens stijl is soms over weelderig, maar nooit drammerig. “Kersen eten om middernacht” is een aanrader die ons aanmoedigt de “stilte te herontdekken als ons geboorterecht” en muziek een belangrijke rol in ons leven te laten spelen. Immers, “muziek reikt van nature naar alle onbenut gebleven mogelijkheden en is in staat het masker van ons zelfbeeld te verwijderen.”

Tot slot heeft Bart Stouten nog een praktische tip voor ons. Als wij iemand ontmoeten die niet geïnteresseerd is in klassieke muziek, laat hem of haar dan het concert voor twee piano’s van Francis Poulenc horen. Volgens Stouten – hij noemt Poulenc een hooligan van de klassieke muziek – blaast dit stuk de hardnekkigste vooroordelen op. Een goede raad die ik in de nabije toekomst maar eens ga opvolgen…

De Bezige Bij Antwerpen
ISBN 9-789085-425045
Aantal pagina’s 299

Emile Stoffels
Luister Magazine 694

RAVEL • DEBUSSY • FAURÉ – Trio Shaham Erez Wallfisch

Thursday, December 19th, 2013

RAVEL • DEBUSSY • FAURÉ
Trio Shaham Erez Wallfisch
Nimbus Records NI 5905 DDD 72’38

Uitvoering / Opname ***** / *****

Het is vooral de Franse kamermuziek uit het eerste kwart van de 20ste eeuw, die de Europese toonkunst met zo veel uitdrukkingsmiddelen heeft verrijkt en Nimbus komt hier weer met een interessante greep uit die periode. Het zijn meesterwerken van onbeschrijfelijke schoonheid. Om te beginnen het exotische piano trio uit 1914 van Ravel. De viool- en cellosonate van Debussy uit 1915 resp. 1917. Deze sonates zouden deel gaan uitmaken van een reeks van zes, waar hij er helaas maar 3 van af heeft gekregen. En tot slot het trio uit 1923 van Fauré. Voor dit werk – een idee van zijn uitgever Durand – was aanvankelijk de vioolpartij voor klarinet of viool, maar later heeft hij definitief voor de viool gekozen. De meester der intimiteit en poëtische verstilling die zich zelden of nooit bedient van luidruchtigheid, bereikt hier een bovennatuurlijke klank. Het trio Shaham, Erez, Wallfisch is sinds het ontstaan in 2009 met veel enthousiasme begroet en ook nu weer treft het trio – net als bij de vorige Mendelssohn cd – met adembenemende brille, scherpte en precisie. En dit alles volledig in dienst van de muziek. We kunnen nog meer superlatieven gebruiken, maar dit is naar mijn mening een essentiële cd voor de Franse kamermuziek die iedere zelf respecterende muziekliefhebber in zijn of haar collectie wil hebben. Dit trio toerde een paar jaar geleden al door Nederland en heeft in 2014 weer een tour gepland in o.a. ons land. Iets om naar uit te kijken dus. De opname is gestoken scherp en gedetailleerd, zonder dat het vermoeiend wordt. Allerhoogste aanbeveling!

Emile Stoffels
Luister Magazine 694

Ferdinand Dejean: de Hollandsche Indiaan ontsluierd

Sunday, December 15th, 2013

Wie tegenwoordig de naam ‘Ferdinand Dejean’ intikt op Google, krijgt bijna zevenduizend hits. Het is dan ook aan historicus en pianist Frank Lequin te danken dat deze mysterieuze figuur – die door Mozart de Hollandsche Indiaan werd genoemd – uit de vergetelheid is ontrukt.

Lequin, tevens schrijver van boeken over VOC-er Isaac Titsingh, deed al zo’n twintig jaar onderzoek met de bedoeling ooit een biografie over het leven van Dejean uit te brengen. De andere auteur – Prof. dr. Bleker – heeft een passie voor muziek, verdiept zich evenzo in de geschiedenis van de V.O.C. en organiseerde ook tentoonstellingen over de geschiedenis van de verloskunde en gynaecologie. Dat verklaart dat beiden onlangs het boek ‘Ferdinand Dejean (1731-1797) chirurgijn, wereldburger en opdrachtgever van Mozart’ uitbrachten.

In de archieven

Vanaf 2003 doken beide onderzoekers in binnen- en buitenlandse archieven en bibliotheken om bronnenmateriaal van divers karakter te achterhalen om zo Ferdinand Dejean een gezicht te geven.
Via een deskundige konden tientallen achttiende-eeuwse Duitse handschriften worden overgebracht naar leesbaar Duits, waardoor een schat aan informatie over Dejean vrijkwam. Dit gaf vooral inzicht over Dejeans familie en zijn omgeving.

Selfmade

Dejean is een selfmade man uit de bloeitijd van de verlichting, die carrière maakte als stadschirurgijn in Batavia. Hij maakt zijn studie geneeskunde in Leiden af, wordt gekozen tot lid van de Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen en wint de tweede prijs van de Keizerlijke Academie voor Wetenschappen in Sint Petersburg. Hij behoort dan ook tot de subtop die de toenmalige stand van wetenschap en cultuur kent, beoefent en kritisch bevraagt. Zijn brede interesse blijkt ook wel uit de zendingen van naturalia vanuit Batavia naar zijn vriend Schlosser in Amsterdam. Een goede pen had hij ook al: zijn beschrijvingen van de problemen en gevaren van de grote vaart, zijn helder en meeslepend.

Amateur fluitist

Maar Dejean had meer kleuren op zijn palet. Als amateur fluitist bestelt hij bij Mozart, voor 200 gulden fluitmuziek. Markant is dat hij slechts 96 gulden betaalt, omdat hij niet helemaal tevreden is. Mozart schreef later aan zijn vader over een man, die hem opdracht gaf tot het schrijven van een paar fluitwerken en typeerde hem als ‘rijke Hollander’, een liefhebber van alle wetenschappen, ‘den indianischen holländer, doch ein rarer Mann.

De samenwerking tussen Lequin en Bleker heeft geleid tot een uiterst interessant wetenschappelijk boek, dat de naam Ferdinand Dejean in ere herstelt. Maar, volgens de auteurs is een biografie over een figuur uit het verleden nooit helemaal af…

Emile Stoffels

‘Ferdinand Dejean (1731-1797) VOC-chirurgijn, wereldburger en opdrachtgever van Mozart.’
304 pagina’s.
ISBN 978-90-78381-64-8

HINDEMITH – Complete Viola Works Vol 1

Sunday, December 8th, 2013

HINDEMITH
Complete Viola Works Vol 1
Deutsches Symphonie-Orchester Berlin • Hans Graf • Tabea Zimmermann, Viola
Myrios Classics MYR 010 SACD DDD 79’59

Uitvoering / Opname ***** / *****

Ook Paul Hindemith heeft geprobeerd oud en nieuw met elkaar te verbinden en zodoende een stijl ontwikkeld om de grote Duitse traditie voort te zetten, waarin hij in zijn instrumentale muziek duidelijk aanknoopt bij Johannes Brahms en Max Reger. Hij heeft zich ondanks zijn eigen stelsel van ‘erweiterte tonalität’, nooit buiten het terrein der tonaliteit begeven. Zijn Trauermusik voor strijkorkest en altviool naar aanleiding van de dood van King George V in 1936, is een schitterend werk met koraalachtige melodieën die soms sterk doet denken aan het eerste deel van Regers Vier Tondichtungen nach Arnold Böcklin. De Engelse pers noemde het toen een meditatie op een koraal van Bach. Toch schreef Hindemith het stuk in slechts enkele uren. Der Schwanendreher – waar de cd mee aftrapt – heeft Tabea Zimmermann al een keer eerder opgenomen voor EMI in 1989. De Kammermusik no. 5 uit 1927 is uit een serie van concertachtige stukken met Barokke principes voor solo en kamerorkest, waarmee Hindemith zich wilde onderscheiden van de Romantische concerten. De samenstelling is opvallend: slechts celli en bassen en voor de hogere registers enkel het solo-instrument en de blazers. Bij de aan Milhaud opgedragen Konzertmusik op 48 uit 1930 met zijn gepunteerde ritmes, speelt het concertante element een nog belangrijkere rol. En ook hier weer een afwijkend instrumentarium. Op deze schijf horen we de première opname van de eerste versie die pas 30 jaar na Hindemiths dood werd gepubliceerd. Kortom: een uiterst boeiend altvioolprogramma en ik kan me niet voorstellen dat er een opname komt die het koppel Zimmermann/Graf naar de kroon zal steken. De SACD opname is ronduit van demonstratie kwaliteit. Niet vaak heb ik bassen zo horen grommen en koper horen schetteren. Een waar klankfeest. En dan nog wel 80 minuten lang.

Emile Stoffels
Luister Magazine 694

LALO • BERLIOZ • SAINT-SAËNS

Sunday, December 1st, 2013

LALO • BERLIOZ • SAINT-SAËNS
Flanders Symphony Orchestra Pieter Wispelwey Seikyo Kim
ONYX 4107 DDD 63.32

Uitvoering / Opname ****/**

De in Haarlem geboren Pieter Wispelwey kreeg les van onder anderen Anner Bijlsma en nam in 1990 zijn eerste cd op voor Channel Classics, met de cellosuites van Bach. Daarna volgden meer optredens en meer bekendheid. Wispelwey beheerst zowel moderne als oude cello’s. Dat is bijzonder, aangezien het spelen op darmsnaren bepaald een andere tak van sport is dan het spelen op staal. Nu dus het romantische repertoire met o.a. Lalo’s Celloconcert uit 1877. Dit concert staat in de schaduw van zijn Symphonie Espagnole en dat is niet geheel terecht. Wispelwey laat met veel vuur en pathos horen waarom. En ondanks dat Saint Saëns ons in zijn tweede celloconcert uit 1902 niet zo heel veel te vertellen heeft, maakt Wispelwey er het beste van. Seikyo Kim geeft met het Vlaams Symfonie Orkest uitstekende ondersteuning. Helaas werkt de opname niet echt mee: de solist staat wel mooi prominent in het stereobeeld, waardoor er veel detail is te bewonderen. Maar de klankbalans van het orkest is te dun en de akoestiek klinkt vreemd. Dat is erg jammer, maar dat neemt niet weg dat ik deze cd omwille van het aanstekelijke musiceren van harte aanbeveel.

Emile Stoffels
Luister Magazine 693