Nieuwste berichten

Nieuws archief

Onderwerpen

BARTOK – Concerto for Orchestra & Piano Concerto No.3

door emile | May 17, 2019

Javier Perianes, piano
Münchner Philharmoniker, Pablo Heras-Casado
Harmonia Mundi HMM 902262 DDD 62’11

Waardering: 9

Bartok zei zelf over dit briljante Concert voor Orkest: “De algemene stemming van het werk met uitzondering van het luchtige tweede deel, is een geleidelijke overgang van de ernst van het eerste deel en de sombere dodenzang van het derde, naar de levenswil van het laatste.” Bij dit opus valt – in tegenstelling tot zijn vroegere werken – de heldere ontwikkeling van het thema op. Dat komt deels ook omdat Bartok hier in een mildere scheppingsfase is aanbeland. Het eerste deel dat in sonatevorm staat, opent op een geheimzinnig, melancholische wijze (de inleiding doet sterk denken aan de atmosfeer van Hertogs Blauwbaards Burcht), om daarna met vurige, energieke passages op te klimmen. De Elegia wordt bijzonder spannend opgebouwd door Heras-Casado en ook de jubelende finale staat als een huis bij hem. Er zijn weliswaar vooral in het verleden een aantal opnames verschenen die nog steeds gezaghebbend zijn: de vroege stereo uitgave op RCA onder Reiner, of die onder Solti op Decca, maar ik moet bekennen dat deze zinderende opname uitstekend werkt. De koppeling met Bartoks laatste pianoconcert is een logische. Bartok had inmiddels afscheid genomen van de grote vorm en schreef in augustus 1945 het Derde Pianoconcert. Deze heeft hij niet geheel kunnen voltooien en zijn leerling Tibor Serly heeft de laatste 17 maten, die wel in schets bestonden, uitgewerkt. Oorspronkelijk was het bedoeld als concert voor 2 piano’s op verzoek van het toen der tijd bekende duo Barlett en Robinson. Voor deze opname is er enige concurrentie: we hebben een mooie met Kocsis op Philips, maar het Harmonia Mundi programma is ontegenzeggelijk interessanter. Bovendien is die met Kocsis allang gediscontinueerd. Ook heb ik nooit begrepen waarom Pollini wel de twee andere concerten heeft opgenomen voor DG, maar deze niet. Hoe dan ook, Javier Perianes is een interessant pianist die blijkbaar een breed repertoire beheerst, gezien zijn eerdere opnames van Debussy en Chopin voor hetzelfde label. Hij toont affiniteit met deze warmbloedige kant van de Meester en met name het Adagio Religioso geeft hij veel glans. Kortom: Perianes geeft een lezing helemaal op de manier hoe vrienden en kennissen, de mens Bartok omschreven: “constant op het kookpunt, maar altijd onder controle.” Een aanrader!

Emile Stoffels


Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

WEINER – 5 Divertimentos / Serenade

door emile | May 12, 2019

Estonian National Symphony Orchestra, Neeme Järvi
Chandos CHAN 10959 DDD 83’05

Waardering: 6

Wie Chandos zegt, zegt… juist: Neeme Järvi! Althans, zo vergaat het mij inmiddels na al die jaren van voortreffelijke opnamen en uitvoeringen door deze dirigent voor het genoemde label. Leo Weiner (1885 – 1960) borduurt overduidelijk voort op de Hongaarse Rapsodieën van Liszt. Ik kan moeilijk een ontwikkeling horen tussen deze stukken en dan hebben we het met de serenade erbij toch over 45 jaar. Divertimenti zijn zoals de naamgeving al aangeeft oorspronkelijk bedoeld ter vermaak. Echter als we het vergelijken met het Divertimento van zijn land- en generatiegenoot Bartok, dan is dat een wereld van verschil. Maar die was m.i. dan ook totaal niet in staat om pretentieloze muziek te schrijven. Hoe dan ook, bijna anderhalf uur luisteren naar deze muziek is mij toch teveel van het goede. Deze stukken zijn zeker geschikt als opvullers en dat bedoel ik zeker niet neerbuigend, want ik zou dat ook zeggen over een cd met de Divertimenti van Mozart. Deze muziek is zeer kundig gemaakt en onderhoudend, maar voedt de geest hoegenaamd niet. De live-opname is inderdaad weer voortreffelijk en de uitvoering in goede handen, maar over het belang van deze cd, heb ik zo mijn twijfels. 

Emile Stoffels

Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

VILA-LOBOS SYMPHONIES NOS. 1 & 2

door emile | May 6, 2019

São Paulo Symphony Orchestra, Isaac Karabtchevsky
NAXOS 8.573829 DDD 75:27

Waardering: 9

Heitor Villa-Lobos was een veelschrijver en we kennen hem vooral van de stukken voor gitaar en het beroemde Bachianas Brasileiras. De symfonieën zijn een volstrekt ander verhaal. Zijn eersteling stamt uit 1916 en is de eerste in een cyclus van vijf symfonieën die duidelijk in de stijl van Vincent d’Indy geschreven zijn, maar in z’n algemeenheid wel aansluiting vinden bij de Franse toondichting uit het begin van de 20ste eeuw. Aan zijn tweede begon hij het jaar erop, maar deze werd pas op z’n vroegst laat in 1943 voltooid. Deze Naxos uitgave is de laatste in de serie van Villa-Lobos’ symfonieën. Wel apart dat men dan de reeks met de eerste twee symfonieën besluit. Hoe dan ook, ik was direct al aangenaam verrast toen ik de opening van de eerste hoorde. De oorspronkelijke partituur van de eerste is overigens een aantal keren herzien, waarin de dirigent Isaac Karabtchevsky een rol heeft gespeeld. De tweede heeft nog wat meer Frans en vooral Russische invloeden. Het São Paulo Symphony Orchestra onder Karabtchevsky klinkt verfijnd en alert. Ook de informatie door Fábio Zanon in het boekje is interessant en biedt een goede gids voor de muziek. De opname is uitmuntend te noemen. Aanrader!

Emile Stoffels


Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

SAINT SAENS Symphonic Poems

door emile | April 28, 2019

Lille National Orchestra, Jun Märkl
Naxos 8.573745 DDD 55:28

Waardering: 7

Saint-Saëns’ reputatie rust voornamelijk op een beperkt aantal bekende werken, maar Naxos komt hier met een programma van minder bekende werken van hem; op de Danse Macabre na. Deze symfonische gedichten uit de jaren 70 van de 19deeeuw, zijn uiteraard in de stijl van Liszt en vormen de kern van dit programma. Onder andere het symfonisch gedicht Phaéton, uit 1873, gebaseerd op de gelijknamige mythe. Phaéton vraagt vader Helios om diens zonnewagen te mogen besturen. Hij is de onbesuisde paarden echter niet de baas, waardoor hij te dicht bij de aarde komt, zodat deze verschroeit. Hierdoor zou de Sahara zijn ontstaan en de huidskleur van de Ethiopiërs verklaard. Uiteindelijk grijpt Zeus in door Phaéton met zijn bliksem te treffen, waarna hij in de rivier de Eridanus stort. Saint-Saëns heeft dit meesterlijk verklankt en sleept ons luisteraars mee. Verder o.a. de Marche Héroïque, geschreven tijdens het Duitse beleg van Parijs in 1870. Het Lille National Orchestra onder Jun Märkl geven een levendige voordracht en halen het uiterste uit deze stukken, want Saint-Saëns heeft ons doorgaans niet zo heel veel te vertellen. Alles overziend, onderhoudende muziek zonder echte diepgang. De opname is fris en gedetailleerd. 

Emile Stoffels


Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

Debussy | Ravel La mer | Ma mère l’oye

door emile | April 20, 2019

Het Gelders Orkest, Antonella Manacorda
Challenge Classics CC72757 DDD 55’01

Waardering: 9

Om met de deur in huis te vallen: dit is een zeer overtuigende La Mer en denkelijk de meest overtuigende van de laatste tijd. Een paar Luister edities terug was er ook al een zeer goede opname onder Ticciati met het Deutsches Symphonie-Orchester Berlin op Linn Records, maar deze onder Manacorda is helemaal af. De catalogus staat bol van de meer dan uitstekende opnames, maar deze mag er wezen. Ik heb me werkelijk verbaasd over hoe Manacorda de climaxen opbouwt en daar naartoe werkt. Ook zijn tempokeuzes zijn zeer geslaagd en hebben een bepaalde vanzelfsprekendheid die ik niet vaak hoor. Ik heb door de spanning die Manacorda opbouwt, vanaf het eerste moment met de adem ingehouden zitten luisteren. En dan het stralende slot van het eerste deel: het spreekt zich helemaal uit. Als ik zou moeten kiezen tussen deze en de eerder besproken Linn opname, zou ik voor deze Challenge opname gaan. Overigens ben ik ook een aangenaam verrast door de akoestiek van het Musis. Complimenten aan de technici die de ruimte en details hebben weten te vangen, in deze doorgaans lastige zaal. Het tweede werk op deze prachtige schijf is Ravels Ma mère l’oye en dan niet de vijfdelige suite, maar het complete ballet. Deze opname is een must!

Emile Stoffels

Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

PROKOFIEV Childhood Manuscripts, Old Grandmother`s Tales, Six Pieces Op. 52

door emile | April 14, 2019

Alexandre Dossin, piano
Naxos 8.573435 DDD 79’53

Waardering: 8

Naxos geeft ons met Alexandre Dossin een boeiend programma van een jonge Prokofiev. Hij voltooide zijn vijf Pesenki boeken nog voor zijn 16de en op deze cd, staan de hoogtepunten. Het is goed te horen hoe vroegrijp Prokofiev al was toen en een meester in wording is. Opvallend zijn de pakkende melodieën en harmonische dieptes die hij in deze stukken al opdelft. Uiteraard horen we links en rechts Grieg of Chopin (Etude-Scherzo 5de book), maar wat een zelfverzekerdheid ademen deze composities reeds uit! Ook de Old Grandmother’s Tales op. 31 van ruim 10 jaar later waar de Cd mee opent, zijn zeer de moeite waard. Uiteraard is het een volslagen andere wereld, maar het meest genoten heb ik misschien wel van de pianotranscripties op. 52. Hier heeft Prokofiev materiaal gebruikt van De Verloren zoon, de Vocalises, het Strijkkwartet nr. 1 en het Sinfonietta. Prokofievs eerste publieke optreden als uitvoerend componist was in 1908 en hij zette direct de zaal in lichterlaaie. Nu, dat doet de Braziliaan Alexandre Dossin ook. Met veel pathos en groots gebaar zet hij Prokofiev neer. De opname is mooi in balans en gedetailleerd. De vleugel heeft niet te veel galm en staat mooi in het stereobeeld. Van harte aanbevolen dus!

Emile Stoffels



Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

MESSIAEN – QUATUOR POUR LA FIN DU TEMPS

door emile | March 25, 2019

Martin Fröst, clarinet • Lucas Debargue, piano • Janine Jansen, violin • Torleif Thedéen, cello
SONY CLASSICAL 88985363102 DDD47’21

Waardering: 8

Dit legendarische kwartet, treft alleen al door de atypische instrumentatie. Het werd in 1941 geschreven in het Duitse krijgsgevangenenkamp Stalag VIII in Görlitz vlakbij de Poolse grens, waar Messiaen sinds mei 1940 was geïnterneerd. Bovenaan de partituur staat een citaat uit de Openbaringen van Johannes (10: 5 – 7), waarin de engel van de Apocalyps uitroept: “Er zal niet langer van tijd sprake zijn”. De omstandigheden van première waren alles behalve ideaal: in de vrieskou en op deels kapotte instrumenten. Messiaens kleurenspel krijgt het volle pond door het viertal Martin Fröst (klarinet), Torleif Thedéen (cello), Janine Jansen (viool) en Lucas Debargue (piano). Uiteraard zonder iets af te doen aan de overige stukken, maar denkelijk zijn de delen 5 en 8 waar het uiteindelijk om draait. Thedéen doet bijzondere dingen in het Louange à l’èternité de Jésus en het laatste deel – het Louange à l’immortalité de Jésus – is een omvangrijke meditatie van de viool die langzaam uitmond in het allerhoogste register. Het getuigt van Messiaens diepgewortelde spiritualiteit. Janine Jansen is hier helemaal in haar element en treft het diep religieuze element. Deze opname is waarschijnlijk niet het laatste woord voor dit werk, maar wel zeer welkom. 

Emile Stoffels


Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

PROKOFIEV Symphonies 2 & 3

door emile | March 15, 2019

The State Academic Symphony Orchestra of Russia, Vladimir Jurowski
Pentatone PTC 5186 624 SACD DDD 72’45

Waardering: 8

In Rusland van de vorige eeuw bleef de symfonie min of meer toch de hoofdhoeksteen en aangezien Prokofiev – op een 14 jarig verblijf in het westen na – in zijn geboorteland bleef, is ook hij belangrijk geworden voor deze vorm. Er zit ook een behoorlijke ontwikkeling in zijn 7 symfonieën. Een groter contrast tussen Prokofievs eerste en zijn tweede symfonie van “IJzer en Staal” is schier ondenkbaar. Gebruikmakend van het vormschema van Beethovens sonate op. 111, dendert deze machine over ons heen en nadert de atonaliteit. Het is een thema met variaties en een gecompliceerde ritmiek, waar het westerse publiek nog niet aan toe was in die jaren. Het is overduidelijk dat Jurowski boven deze complexe materie staat en de juiste tempokeuze hanteert. Bijvoorbeeld vanaf minuut 6, waar menig dirigent m.i. teveel vertraagt. Toch blijft Rostropovich op Erato mijn favoriet. Zijn rubato en tempokeuze snap ik iets beter en het vloeit een fractie meer dan bij Jurowski. Voor wat betreft de derde is er nog meer concurrentie: Abbado en Chailly – beiden op Decca – blijven sterke opnames, maar ook hier vind ik dat Jurowski zich uitstekend staande houdt en sterk toewerkt naar de climaxen. De opname is zoals we van Pentatone mogen verwachten: een groot stereobeeld, mooie klankbalans en overvloedige details.

Emile Stoffels


Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

MARTINU – The Symphonies

door emile | February 24, 2019

ORF Vienna Radio Symphony Orchestra, Cornelius Meister
Capriccio C5320

Waardering: 7

Er is in het verleden weleens kritiek geweest op het constructief vermogen van Bohuslav Martinu. Wellicht niet geheel ten onrechte. Er zijn inderdaad bladzijdes aan te wijzen waarin hij zoekende is en soms zijn toevlucht neem tot stoplappen. Die momenten zijn ook te vinden in de symfonieën, waarvan de eerste 5 tussen 1942 en 1946 zijn geschreven. Ook is Martinu geen buitengewoon oorspronkelijk toondichter. In z’n algemeenheid lijkt zijn harmonische taal een mengsel te zijn van Brahms, Vaughan Williams en soms Carl Nielsen. Maar ook horen we een zekere Rousseliaanse ritmiek en robuustheid. Aan de andere kant kunnen we ons afvragen: wat is nu belangrijker? De vorm, de structuur? Of veeleer hoe de muziek bij ons binnenkomt en wat het met ons doet? Wellicht is zijn eerste symfonie de meest boeiende en heeft nog de vergelijkbare atmosfeer van zijn dubbelconcert uit 1938. Hoe dan ook, er valt veel te genieten op deze nieuwe set van Capriccio onder Cornelius Meister, die sinds 2010 chef-dirigent van het ÖRF Radio-Symphonieorchester Wien is. Ik denk dat we dankbaar kunnen zijn voor deze mooie nieuwe set met moderne opnames van alle symfonieën. De live opname is organisch en heeft een mooi diepteperspectief. 

Emile Stoffels

Categorie: CD recensies klassiek | Reageer »

De Cephei 5.05 – een speciale luidspreker uit het Brabantse land

door emile | January 2, 2019

Een tijd geleden kreeg ik een mail van ene Kristoffer Zegers van ZMI-Audio (Zegers Music Innovations) die mijn website had bezocht, waarin hij kort gezegd vroeg of ik zin en tijd had om zijn speakers te beluisteren. Uiteraard had ik daar wel oren naar. Even voor de duidelijkheid, Kristoffer is een bekend Nederlands componist die gestudeerd heeft aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij o.a. Jan Boerman.

Kristoffer timmert al weer ruim 3 jaar aan de weg in speakerland en is een groot voorstander van het zgn. open baffle systeem, waar hij dan ook al vanaf het begin mee experimenteert. Dit omdat deze aanpak toch een aantal voordelen heeft. Kris: “een kastloze luidspreker heeft een grotere maar ook natuurlijkere afstraling. De luidspreker unit wordt niet afgeremd door luchtdruk in een kastsysteem. Daardoor zijn er meer microdetails hoorbaar. Daarnaast is de laagweergave ongekleurd en zal er nooit een ‘kastklank’ of een ‘bonkgeluid’ ontstaan.” Ik moet bekennen dat ik tot nu weinig aandacht had besteed aan deze manier van weergeven, maar ook zelden dergelijke speakers gehoord had. Ik zou bijna willen zeggen: wat heb ik mezelf aangedaan! Kristoffer heeft inmiddels zijn speakers al op een paar X-Fi shows ten gehore gebracht en heeft daar veel positieve reacties gekregen.

Op auditie…

Er kwam dan ook een afspraak voor een initiële luistersessie bij Kristoffer thuis in het Branbantse Bavel waar ik gastvrij werd onthaald, door hem en zijn gezin.

Om kort te gaan, ik was direct gecharmeerd van de Cephei’s 20.2: een zeer grote stage met vooral veel substantie in het laag. Dit laag ging gepaard met een ongekende doorzichtigheid die ik niet vaak gehoord heb en we hebben dan ook heel wat uurtjes zitten luisteren naar zeer uiteenlopende muziek. Dat was mogelijk aangezien de Cephei’s alleseters zijn. Heel eerlijk gezegd geloof ik niet zo, dat speakers speciaal ontwikkeld worden voor een bepaalde muzieksoort of stijl. Maar dat terzijde…

Een aantal weken daarna mailde Kristoffer mij, dat hij met de ‘kleine’ Cephei (de 5.05) bezig was en stuurde me een foto. De grote Cephei’s waren al prachtig qua design, maar deze ‘kleintjes’ (hoogte ca 107 cm) voldoen wellicht nog meer aan de gulden snede. Mannen die opzoek zijn naar een goede weergever zullen dan ook weinig weerstand van hun vrouwelijke partner ondervinden. Voor deze kleinere Cephei’s gebruikt Kris wel wat andere units: Seas voor het midden-laag en uit hetzelfde huis de H1499 als tweeter. Dit keer een 2-weg systeem dus. Ook qua rendement (88 dB bij 4 ohm) liggen deze speakers gunstig: dus ook liefhebbers met buizen versterkers, kunnen uit de voeten; hoewel ik twijfel of mijn eigen Almarro Single Ended EL84 versterker deze speakers afdoende zal aansturen. We hebben het dan ook wel over slechts 3 watt schoon aan de haak. Echter, een gespierde EL84 of EL34 push-pull buizen versterker, zal uitstekend combineren met deze speakers.

 De tweede ronde

Er kwam dus een tweede luistersessie en dat gaf tevens de mogelijkheid om de kleine met de grote te vergelijken. Ik was aangenaam verrast door wat deze kleine Cephei’s nog in het laag presteren t.o.v. hun grote broers. Maar wat me nog meer verwonderde, was de klankbalans die nagenoeg ideaal is. Uiteraard ligt dat ook aan de gekozen ruimte, zonder te beweren dat de Cephei’s overmatig kritisch te plaatsen zijn. Anders gezegd: met de Cephei 5.05, zal er relatief snel en gemakkelijk, goed resultaat te behalen zijn. Het midden is echter waar deze speakers excelleren. Om te beginnen klinken ze open en gedetailleerd, maar gaat het zelden of nooit op de oren staan. Integendeel: ze zijn eerder innemend, betrokken en verleidelijk; zoals duidelijk bleek uit het gekozen muziek materiaal. Het geheel klonk daarbij correct en natuurlijk. Ook reageerden de Cephei’s uitstekend op impulsrijke muziek: verrassend snel en open, zonder ‘uit de bocht te vliegen’. Verder klonk complexe muziek opvallend gelaagd, waarbij de verschillende timbres gemakkelijk te onderscheiden waren. Ten slotte viel ook het rijke kleurenpalet op.

Ik mag zeggen dat ik behoorlijk verwend ben met mijn eigen Triangle Elypse speakers die als midden-laag de in-house ontwikkelde T-17 unit hebben. Dit zijn zeer snelle papieren units die qua transparantie en doortekening richting electrostaten gaan. De Cephei’s doen het op een andere manier en halen hun kracht uit de relatief grote dynamische slag. Want uitslaan kunnen ze. Op het moment dat een slagwerker in het orkest een grote trom beroerd, is dat goed te zien. Iets dat mijn Triangles bijvoorbeeld weer niet kunnen. Bij dit alles, viel het diepe en relatief precieze stereobeeld op. Het resultaat mag er dus wezen en is ongetwijfeld de opbrengst van vele uren uitproberen en doorluisteren. Chapeau!

Conclusie

Liefhebbers die op zoek zijn naar een mooi gestileerde en vooral uitstekend klinkende speaker, zullen de Cephei’s op hun shortlist moeten zetten. Vooral ook omdat deze luidsprekerset iets is voor de komende jaren. Het zal mij dan ook niet verbazen als Kristoffer regelmatig met een upgrade zal komen voor de Cephei’s, want Kris zou Kris niet zijn als hij ondanks de mooie resultaten niet zou blijven schaven aan de klank. Bovendien ben ik er ook van overtuigd dat de Cephei’s gemakkelijk verbeteringen in de rest van de audioketen zullen laten horen, want er komt heel veel muziek uit deze prachtige luidsprekers.

Emile Stoffels

 

Voor meer informatie:

Kristoffer Zegers
E-mail: kzegers@casema.nl
Telefoon: 06-510 88 9 33

Categorie: Audio apparatuur, Luidsprekers | Reageer »


« Vorige berichten